Zoon ons gegeven

Ze waren er niet naar op zoek. Het overkwam ze min of meer. Vier jaar geleden werden Rik Laernoes (69) en Adriaan Rodenburg (69) uit Haringhuizen pleegvaders van John (31). In hun nieuwe rol worden ze ondersteund door het Wijkteam Incluzio Hollands Kroon.

Rik en Adriaan zijn al 35 jaar bij elkaar. Als homostel hebben zij nooit een uitgesproken kinderwens gehad. Rik was jarenlang directeur – of zoals hij het zelf noemt ‘bovenmeester’ – op een school. Adriaan werkte bij een verzekeraar. Daarnaast waren beiden jarenlang actief als vrijwilliger voor hun kerkgemeenschap en de buurtbus. Door dat laatste ontmoetten ze pleegzoon John.

Gezin van drie
‘John sprak mij aan toen ik op een avond onze hond uitliet’, vertelt Rik. ‘Hij wilde chauffeur worden op de buurtbus. Een minuut of tien later zaten we bij ons thuis met zijn drieën om tafel. Het klikte direct. Na een tijdje keek hij iedere avond televisie bij ons. Hij woonde in een afgedankte kantoorunit, omdat hij bij zijn begeleid wonen-project niet te handhaven was. Maar hij had daar helemaal niets. Geen televisie, geen internet, geen dagbesteding. Omdat hij zicht had op een nieuwe, begeleide woonplek boden wij hem voor de tussenliggende paar maanden onderdak.’ Het woonproject werd uitgesteld en ging uiteindelijk helemaal niet door. Adriaan: ‘We konden het niet over ons hart verkrijgen om hem weg te sturen. Dat punt waren we voorbij. Zo hadden we eind 2016 opeens een pleegzoon.’ Inmiddels woont John in het voorhuis van de mannen. Hij heeft zijn eigen voorzieningen. ‘Wij wonen in het later aangebouwde achterhuis. In feite is John bijna altijd bij ons. We eten samen en kijken samen televisie. We vormen echt een gezin van drie.’

Beschadigd kind
John is in meerdere opzichten een beschadigd kind. Adriaan: ‘Door gebrek aan zuurstof bij zijn geboorte heeft hij een verstandelijke beperking. Daarnaast heeft hij een borderlinepersoonlijkheid, waardoor hij van het een op het andere moment kan ontploffen. Vanwege jarenlang misbruik komt daar ook nog eens hechtingsproblematiek bij. Toen John net bij ons woonde, liep hij regelmatig weg. Hij zette zijn inboedel dan op straat en belde 112. Hij is zelfs een keer opgepakt en veroordeeld voor brandstichting in een auto.’ Rik: ‘Wij hadden soms geen idee hoe we het beste met zijn complexe gedrag om konden gaan. Zijn toenmalige mentor adviseerde ons begeleiding te zoeken bij het wijkteam.’
Zo gezegd, zo gedaan. ‘ De wijkteammedewerker van Incluzio Hollands Kroon kwam in eerste instantie alleen voor ons’, vervolgt Adriaan. ‘Eens per drie weken. Aanvankelijk luisterde ze vooral naar ons verhaal om onze situatie helder te krijgen. Wat kwamen we tegen met John en hoe reageerden we op hem? Na verloop van tijd kwam ze met bruikbare tips en adviezen en ging ze tevens in gesprek met John. Ze leerden ons bijvoorbeeld het ijzer nooit te smeden als het heet is. John heeft tijdens een crisissituatie ruimte nodig om af te koelen. Geven wij hem deze ruimte niet, dan loopt een situatie gillend uit de hand. Onze wijkteammedewerker heeft haar werk diverse keren uit haar handen laten vallen om ons acuut te helpen.’ Rik: ‘Ze leerde ons eigenlijk hoe we hem op de beste manier kunnen benaderen. Niet dwingen, maar verleiden, zoals zij het altijd zo mooi zegt.’

Juiste snaar
Naast de rol als klankbord helpt het wijkteam Rik en Adriaan in hun zoektocht naar de juiste ondersteuning voor John. Adriaan: ‘Wij wilden vanaf het begin dat John begeleiding zou krijgen, maar John weigerde dit steeds. Hij is niet handelingsonbekwaam. Als hij niet wil, kunnen wij niets. We hebben meerdere keren geprobeerd om begeleiding voor hem te regelen. Keer op keer liep dat spaak. John zegde afspraken af of vond dat het goed genoeg ging als er een nieuwe hulpverlener op de stoep stond. Hulpverleners raakten vaak niet de juiste snaar. John is heel zwart-wit in zijn denken. Hij vindt iemand sympathiek. Of niet.’ Rik: ‘Vanuit haar professie wist de wijkteammedewerker een goede begeleider te vinden voor hem bij Stichting Esdégé-Reigersdaal. Met al haar kennis kon zij heel goed uitleggen hoe je John het beste kunt benaderen. Wij als pleegouders proberen dit natuurlijk ook, maar spreken vaak vanuit onze emotie. Als deskundigen slaan wijkteammedewerkers een brug tussen ons en andere hulpverleners. De wijkteammedewerker zette ons bijvoorbeeld ook op het juiste spoor bij het vinden van de zorgboerderij waar John nu werkt. Daarnaast begeleidde ze John tijdens zijn beoordelingsgesprek bij het UWV. Ik ben zo blij dat zij dit doet. Ik zou niet weten wat ik als pleegouder wel en niet kan zeggen op zo’n plek. Hetzelfde geldt voor de gesprekken die we voerden met John’s huidige mentor.’ 

Empathisch vermogen
Inmiddels weten Rik en Adriaan beter hoe ze John het beste kunnen benaderen. Er is veel meer rust in huis en het contact met het wijkteam is minder frequent. Adriaan: ‘De wijkteammedewerker heeft ons geleerd dat John veel ingewikkelder in elkaar zit, dan je op het eerste oog vermoedt. Zij heeft ons geleerd om hem te accepteren zoals hij is. Hij zal nauwelijks veranderen.’ Rik: ‘Vanuit mijn rol als voormalig leerkracht dacht ik altijd dat ieder kind leerbaar is. Maar dat is niet het geval. De wijkteammedewerker heeft ons keer op keer uitgelegd dat John geen empathisch vermogen heeft. Hij gaat dat ook niet ontwikkelen. In zijn hoofd is alles zwart-wit. Gelukkig lukt het ons om steeds vaker flexibel met situaties om te gaan en ons minder zorgen te maken. Onlangs belde John eens een ambulance, toen hij met koorts op bed lag. Wij zijn hierdoor niet meer direct uit ons doen en kunnen het ambulancepersoneel kalm uitleggen hoe onze pleegzoon in elkaar steekt.’

Natuurlijk denken de mannen na over de toekomst. Adriaan: ‘We zijn de jongsten niet. En we willen dat er een goede plek is voor John mocht ons iets overkomen.’ Rik: ‘We willen dit zelf niet direct aankaarten bij hem. Dan geven wij hem het gevoel dat hij hier weg moet en dat is zeker niet het geval. Ook hier zetten we dus graag weer de expertise in van het wijkteam. Zij zijn voor ons echt een rots in de branding.’ 

Zorg op afstand
Ook nu – tijdens de coronacrisis – hebben Rik en Adriaan, indien nodig, direct contact met het wijkteam. Adriaan: ‘De wijkteammedewerker komt nu niet langs, maar we bellen met enige regelmaat. Dat is heel prettig. De hulpverlening is in alle opzichten nog hetzelfde.’ Rik: ‘Natuurlijk missen we het fysieke contact. Als de wijkteammedewerker hier komt, krijgt ze altijd een dikke knuffel. Maar voor nu is dit het beste. Als we haar nodig hebben, is ze gewoon bereikbaar.’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *